Theorie-examen bromfiets – link CBR klik hier.

Inleiding Theorie-Brommer.

Het theorie-examen wordt afgenomen door het CBR in opdracht van het Ministerie van Infrastructuur & Waterstaat. De wettelijke grondslag van het theorie-examen ziet er hiërarchisch als volgt uit:

  • Wegenverkeerswet 1994 artikel 111 lid 1b;
  • Reglement rijbewijzen § 3 artikel 56 e.v. Eisen theorie-examen;
  • Ministeriële regeling eisen theorie-examen categorie AM.

Een kandidaat wordt toegelaten tot het theorie-examen voor de bromfiets als:

  • hij/zij tenminste 15 jaar en 6 maanden is;
  • door of namens hem/haar voldaan is aan de financiële verplichtingen voortvloeiend uit deelname aan het examen;
  • hij/zij zich kan legitimeren met een identiteitsbewijs als genoemd in artikel 59

van het Reglement rijbewijzen;

hij/zij voldoet aan overige bepalingen als genoemd in artikel 59 van het Reglement rijbewijzen.

Het theorie-examen voor de bromfiets toetst kennis van verkeersregels en verkeersinzicht. Deze kennis is noodzakelijk om op een veilige manier deel te nemen aan het verkeer in Nederland. Dit document beschrijft de inhoud van het theorie-examen en bevat diverse achtergronddocumenten.

Hoofdstuk 1 Inhoud van het theorie-examen

Onderwerpen in het theorie-examen

De vragen in het theorie-examen voor de bromfiets gaan over acht onderwerpen.

De onderwerpen zijn opgesteld op basis van de wettelijke inrichtingseisen zoals beschreven in de Ministeriële regeling eisen theorie-examen voor de rijbewijscategorie AM (zie hoofdstuk 2). In het overzicht op de volgende pagina worden de onderwerpen weergegeven.

Bij ieder onderwerp is aangegeven bij welk onderdeel van de Ministeriële regeling en bij welke EU-richtlijn het onderwerp hoort. Daarnaast is bij elk onderwerp aangegeven op welk kennisniveau het onderwerp bevraagd wordt in het theorie-examen. De niveaus zijn:

  • Kennis (K): de kandidaat benoemt of herkent een feit of regel, bijvoorbeeld: Wat betekent dit bord?
  • Meer dan kennis (K+): de kandidaat neemt een juiste gedragsbeslissing in een (verkeers)situatie en toont aan dat hij begrijpt hoe de regel werkt, bijvoorbeeld: Wat is de juiste volgorde van voor laten gaan?

Let op: niveau K+ betekent dat het onderwerp zowel op niveau K als K+ bevraagd kan

worden. De gedachte hierachter is dat voor het hogere niveau van bevragen (K+) ook het lagere niveau (K) beheerst moet worden.

Onderwerp Omschrijving van het onderwerp Ministeriële regeling Taxonomie
Gebruik van de weg De plaats op de weg, voorsorteren, inhalen, maximumsnelheid, stilstaan en parkeren. 1b K+
Voorrang en voor laten gaan Voorrang geven op kruispunten, voor laten gaan bij afslaan en voor laten gaan van voetgangers. 1b K+
Bijzondere wegen, weggedeelten, weggebruikers en manoeuvres Voorrang geven op kruispunten, voor laten gaan bij afslaan en voor laten gaan van voetgangers. 1b K+
Veilig rijden met het voertuig en reageren in noodsituaties Het gebruik van lichten, geven van signalen, zithouding, gebruik van helmen en reageren in noodsituaties zoals pech en een ongeluk. 1b K+
Verkeerstekens en aanwijzingen Verkeersborden, verkeerslichten, verkeerstekens op het wegdek en aanwijzingen van bijvoorbeeld agenten. 1b K+
Verantwoorde verkeersdeelname en milieubewust rijden Welke kennis en vaardigheden zijn belangrijk voor een veilige verkeersdeelname en om zuinig te rijden? En welke risico’s zijn er? 2a; 2b; 2c; 2d; 2e; 2f; 2g; 2h; 2i; 3a; 3b; 3c; 3d K+
Wetgeving De algemene voorschriften uit de verkeerswetgeving en documenten die te maken hebben met het gebruik van het voertuig. 1a; 1b; 1c; 1d; 1f; 1g K
Voertuigkennis De eisen die aan het voertuig gesteld worden zoals lading en verlichting, en kennis van bijvoorbeeld dashboardsymbolen en gebruik van spiegels. 1e K

Aantal vragen en zak-slaaggrens

Het theorie-examen AM bestaat uit:

  • Informatie over het examen en twee oefenvragen.
  • 50 vragen over kennis van verkeersregels en verkeersinzicht. In dit onderdeel laat je zien dat je feiten en regels kunt herkennen en benoemen. Daarnaast laat je zien dat je regels kunt toepassen en juiste beslissingen kunt nemen. Je krijgt 50 vragen, hiervan moet je 43 vragen goed beantwoorden.

Daarnaast bevat het examen 2 testvragen. Je ziet niet welke vragen testvragen zijn. Testvragen tellen niet mee voor het eindresultaat.

Aandachtspunten

Bij het beantwoorden van de theorie-examenvragen moet je ervan uitgaan dat:

  • jij de bestuurder van de CBR-bromfiets/snorfiets/brommobiel bent.
  • andere weggebruikers zich aan de verkeersregels houden, zoals de toegestane maximumsnelheid.*
  • de wegomstandigheden en weersomstandigheden normaal zijn.*